Logo-concertzaal
Arno Piters

"Ik studeerde me te pletter, omdat je toch die erkenning wilt"

Arno Piters, klarinettist Koninklijk Concertgebouworkest

Liza Ferschtman: "Ik voel me dankbaar dat ik dit mag doen"

Geschreven door Redactie in Artiesten, Interviews, Liza Ferschtman op 9 november 2018

Het is een cliché, maar toch: het leven van een wereldster kent weinig rustige momenten. Violiste Liza Ferschtman weet er alles van. Reizen, optreden, repeteren; vrije uren zijn schaars. En áls je ze hebt, moet je ze optimaal benutten. Tussen twee buitenlandse reizen in is Liza even in Nederland om haar familie te zien, vrienden te bezoeken en, minstens zo belangrijk, om te studeren. "Je moet je ambacht onderhouden", vertelt de violiste gedreven.

Liza Ferschtman (Foto: Marco Borggreve)

Door Jan-Willem van Ree

Foto: Marco Borggreve

Sinds Liza Ferschtman de Nederlandse Muziekprijs in 2006 won, staat ze internationaal in het middelpunt van de belangstelling. Wereldwijd soleert ze in de grote zalen bij gerenommeerde orkesten en beroemde dirigenten. Ook is ze regelmatig in kleinere zalen te vinden als toegewijd kamermusicus. In die rol zullen velen haar kennen als artistiek leider van het jaarlijkse Delft International Chamber Music Festival.

Kamers vol muziek

Al vroeg werd de basis gelegd voor haar indrukwekkende carrière. Als dochter van de Russische pianiste Milla Baslawskaja en cellist Dmitri Ferschtman kreeg de jonge Liza klassieke muziek met de paplepel ingegoten. Over haar vroegste herinneringen vertelt ze: "Ik herinner me dat ik onder de vleugel zat wanneer mijn ouders aan het repeteren waren. Boven stond ook een piano. Als mijn zus daarop aan het studeren was, leek het wel alsof er uit alle kamers muziek kwam."

Trio Ferschtman

Hoe en waarom ze precies bij de viool uitkwam, weet Liza niet meer precies. "Vaak vertel ik de grap dat mijn ouders mij met voorbedachte rade op vioolles hebben gedaan, zodat we een pianotrio konden vormen", vertelt ze lachend. "Waarschijnlijker is dat de vele bevriende violisten die bij ons over de vloer kwamen, mij hebben getriggerd. Het was dus niet iets dat bij voorbaat uit mezelf kwam." Ook haar latere relatie met de viool is minder vanzelfsprekend dan je zou denken. "Voor mij is de viool geen doel op zich. In de eerste plaats voel ik me musicus en de viool is een middel om dat te bereiken"

Twijfelaar

Het kostte tijd en inspanning om tot dat besef te komen. "Ik was heel lang een soort twijfelaar. Je moet keihard werken om een goed musicus te worden en ik vroeg me af of ik het allemaal wel aankon. Bovendien moet de levensstijl die daarbij hoort, bij je passen." Om zekerheid te krijgen besloot Liza op haar veertiende aan een concours mee te doen. "De opzet was eenvoudig. Als ik de finale niet haalde, wist ik dat er niet verder mee zou moeten gaan. Niemand heeft iets aan een middelmatige violist." Liza won de finale, maar waakte ervoor zich op de viool blind te staren. "Ik vind het belangrijk om me, naast het vioolspelen, ook door andere dingen om mij heen te laten inspireren. Ik ben breed geïnteresseerd, ook politiek-maatschappelijk en waar mogelijk ook geëngageerd." Inspirerende leraren waren dan ook onontbeerlijk op haar weg naar haar solistische carrière.

Herman Krebbers

Een van haar belangrijkste docenten was de kort voor dit interview overleden violist Herman Krebbers. "Het was een vurige wens om bij hem te studeren. Tussen mijn vijftiende en negentiende had ik les van hem, en twee jaar later ook nog een jaar. Dat waren cruciale momenten in mijn leven, al was ik toen misschien nog iets te jong om zijn lessen op waarde te kunnen schatten." Zelf geeft Liza momenteel ook les en denkt des te meer terug aan haar vroegere leraar. "Ik heb extreem veel van hem geleerd, bijvoorbeeld het respectvol omgaan met de partituur én met je leerlingen. Ik herinner me Krebbers als iemand die die bezorgd was of het persoonlijk goed met je ging, maar je bijvoorbeeld nooit uithoorde over je privéleven." Op de vraag of zijn lessen ook sporen in haar spel hebben achtergelaten, antwoordt Liza: "Een vriendje zei indertijd eens: 'Je doet Krebbers na'. Ik zal toen ook wel een beetje zo hebben gespeeld. Maar in de loop van de tijd gaan er zoveel lagen overheen. Je gaat toch je eigen weg. Over tien jaar klinkt mijn spel waarschijnlijk weer anders dan nu."

Publiek

Dat openstaan voor inspiratie van buiten, vindt Liza ook belangrijk op het concertpodium. Muziek heeft alles met communicatie te maken: contact tussen haar en haar medemusici, maar ook met het publiek. "Je staat op het podium, omdat je muziek wilt delen. Met publiek erbij geeft dat extra spanning, omdat je de mensen wilt meenemen in je verhaal. Samen zit je in een gedeelde ervaring van het moment." Een van de meest intense podiumervaringen beleefde ze in het begin van haar carrière. "Samen met mijn vader en mijn eerste vriendje speelde ik in een bejaardentehuis Schuberts kleine strijktrio. Hoewel de ambiance er misschien niet naar was, raakte ik in een soort flow. Die geniale muziek was zo prachtig, dat ik het gevoel had dat ik haar bijna kon aanraken, dat ik er oog in oog mee stond. Dit zijn van die momenten dat je je enorm dankbaar voelt dat je dit mag doen!"

Lange baarden

In de Edesche Concertzaal speelt Liza een mooie collectie van stukken waar de violiste een bijzondere band mee heeft. "Voor mijn festival ben ik vaak thematisch bezig. Ik vond het leuk om dat nu eens los te laten en stukken te kiezen die ik al lang wilde spelen." Toch ontbreekt ook in de Edesche Concertzaal de rode draad niet helemaal. "Ik noem een aantal van deze werken wel eens gekscherend muziek van de 'serieuze lange baarden', omdat het veelal diepzinnige stukken zijn. Zwaarte en diepte kan geen kwaad in deze snelle hapsnap-wereld." Bartóks Eerste Vioolsonate (1921) was het idee van Liza's duopartner, pianist Roman Rabinovich. "Dat is typisch zo'n diepzinnig werk dat zich op het eerste gehoor misschien moeilijk laat ontleden. Maar door de muziek heel verhalend te spelen, weten we zeker dat ook dit stuk zich kan openen. Eigenlijk is het gewoon een grote romantische vioolsonate, maar dan verstopt achter dikke lagen."

Nieuwe dingen ontdekken

Naast Bartóks Eerste Vioolsonate spelen Liza en Roman ook de Derde en Tiende Vioolsonate van Beethoven en een bijzondere versie van Sjostakovitsj' Preludes, op. 34 voor piano. Het is muziek die uitstekend klinkt op Liza's historische Guarneri del Gesù-viool uit 1742. Dit instrument heeft alles ze in een viool zoekt. "Er was een periode dat ik erg onder de indruk was van de altviool, maar mensen in mijn omgeving vonden dat de altviool minder bij mijn persoonlijkheid aansloot. Het mooie aan deze Guaneri vind ik de diepere klank, die in de laagte wat op die van een cello lijkt. Tegelijk klinkt deze viool briljant in de hoogte, waardoor je er echt op kunt 'zingen'. Bovendien is het een temperamentvol instrument. Oudere instrumenten hebben soms hun nukken, net als mensen. Maar dat is ook de charme, je blijft steeds nieuwe dingen ontdekken!"

Reacties

Blijf op de hoogte!


Ontvang de nieuwsbrief


Contact

Edesche Concertzaal
Amsterdamseweg 9
6711 BE Ede
0318 - 200 214
info@edescheconcertzaal.nl

Logo Edesche Concertzaal wit