Logo-concertzaal
Severin von Eckardstein (Shane Shu Michel Cupido)
"Ik hoop het publiek te raken met mijn reis door de muziek. Dat ik, wanneer ik speel, de mensen mijn verhaal vertel, vooral tijdens de meer persoonlijk en intieme momenten van een bepaald stuk."

Schumann, Brahms, Ravel en Medtner

Geschreven door Redactie in Artiesten, Severin von Eckardstein, Programmatoelichtingen op 16 januari 2017

Achter de meeste muziek gaat wel een verhaal schuil. Dat geldt zeker voor de stukken op het programma van Severin von Eckardstein. Variërend van Schumanns sfeervolle ‘Fantasiestücke’, op. 12 tot de sprookjesachtige figuren in Ravels ‘Gaspard de la nuit’, brengt deze beroemde winnaar van de Koningin Elisabeth Wedstrijd het verhaal achter muzieknoten tot leven.

d4012ea772e143eebea03fb15ae7eb1c

Door Roland Aalbers                                                         (afbeelding: 'Des Abends' uit Schumanns 'Fantasiestücke', op. 12)

Robert Schumann - Fantasiestücke, op. 12

Schumann heeft lang getwijfeld of hij schrijver of musicus zou worden. Literatuur is in zijn composities dan ook een belangrijke inspiratiebron. De titel Fantasiestücke is ontleend aan de verhalenbundel Fantasiestücke in Callots Manier van E. T. A. Hoffmann. Deze favoriete auteur van Schumann probeerde zijn stukken te schrijven zoals de Franse beeldend kunstenaar Callot zijn tekeningen maakte. Ook Schumann schildert zo stemmingen en sferen in zijn acht afzonderlijke stukken. Dromerige en verstilde stukken, zoals het eerste en derde, illustreren de introverte kant van Schumann, terwijl het tweede en het zevende zijn hartstochtelijke extraverte kant laten horen. Het werk ontstond in 1837 en is opgedragen aan de aantrekkelijke Schotse pianiste Robena Ann Laidlaw, die in Leipzig verbleef. Wellicht wilde hij hiermee de liefde van Clara Wieck op de proef stellen, omdat de twee elkaar niet mochten ontmoeten van vader Wieck.

Maurice Ravel - Gaspard de la nuit

Maurice Ravel werd ook door de literatuur geïnspireerd voor zijn Gaspard de la nuit. De componist wilde met dit stuk het moeilijkste werk op dat moment voor piano schrijven. In het derde deel,'Scarbo', is dat zeker gelukt. Het woord ‘gaspard’ komt uit het Perzisch en betekent bewaker van de koninklijke schatten. Gaspard de la nuit betekent dus de bewaker van de nacht, het duistere, het mysterieuze. De schrijver van het boek waarop het stuk gebaseerd is, Aloysius Bertrand, suggereert ook dat Gaspard misschien wel de duivel zelf is… 'Ondine' gaat over een watergeest die zingt om voorbijgangers mee te lokken naar de dieptes van de zee. In het sinistere 'Le Gibet', de galg, zien we een gehangene, roodgekleurd door de ondergaande zon. Een klok klinkt dreigend door middel van een repeterende bes. ‘Scarbo’ is een duivels dwergachtig wezen dat rondspookt in de nacht en nachtmerries veroorzaakt bij de bewoner van het huis. Met snelle repeterende noten en twee angstaanjagende climaxen vormt dit deel een zeer virtuoze afsluiting van Ravels meesterwerk.

Johannes Brahms - Klavierstücke, op. 118

"Er is hier een jonge man verschenen die ons met zijn prachtige muziek zeer diep heeft getroffen en die, daar ben ik van overtuigd, veel beroering zal wekken in de wereld van de muziek". Dit schreef Robert Schumann aan zijn uitgeverij in 1853 kort na zijn ontmoeting met Johannes Brahms. Brahms was zeer vereerd en onder de indruk van de romantische muziek van Schumann. Hoewel de zes Klavierstücke op. 118 één geheel vormen, worden de stukken ook wel afzonderlijk gespeeld . Het bekende ‘Intermezzo’ heeft net als de ‘Romanze’ een prachtig, mild optimistisch en lyrisch karakter. Het laatste ‘Intermezzo’ is grootser van opzet en meer episch en tragisch van karakter. Clara Schumann-Wieck zag er een eerste deel van een sonate in.

Nikolaj Medtner - Sonata-Ballada, op. 27 

Brahms was, naast Beethoven en Bach, een belangrijk componist voor Nikolaj Medtner, getuige ook zijn bijnaam, de 'Russische Brahms'. Medtner was een pianist en componist die in zijn composities altijd een hoofdrol voor de piano weglegde. Naast drie pianoconcerten en verschillende kamermuziekwerken schreef hij onder andere veertien pianosonates. Hij leefde als pianist tot na de revolutie in Rusland en vanaf 1936 in London, waar hij zich vooral richtte op het componeren en lesgeven. De Sonata-Ballada uit 1913 doet qua vorm en verhalende kracht denken aan de Ballades van Chopin. Oorspronkelijk was het net als de Ballades ook ééndelig, een ‘Allegretto’, maar de toevoeging ‘Introductie’ en ‘Finale’ doet de grote romantische sonate meer recht.


Reacties

Blijf op de hoogte!


Ontvang de nieuwsbrief


Contact

Edesche Concertzaal
Amsterdamseweg 9
6711 BE Ede
0318 - 200 214
info@edescheconcertzaal.nl

Logo Edesche Concertzaal wit